Simon Organ: ‘Jongens die denken de redder van Hurley te zijn, moet ik niks van hebben’

De hoofdklassecompetitie ligt stil, maar de meeste coaches kunnen niet op hun lauweren rusten; de selecties moeten in veel gevallen nog worden afgerond om volgend seizoen weer opperbest voor de dag te komen. Hoe werkt dat proces en welke moeilijkheden lopen de coaches tegenaan? Hoofdklassehockey.nl spreekt wekelijks met een hoofdklassecoach om te kijken hoe hij en zijn club deze belangrijke procedure aanpakken. De negende coach die we spreken is Simon Organ.

Simon-Organ

Organ is de nieuwe oefenmeester van Hurley heren 1, Peter Jonker vertrok naar Schaerweijde. De Welshman is afkomstig van Klein Zwitserland, eerder was hij werkzaam bij het Belgische Braxgata en Maties in het Zuid-Afrikaanse Stellenbosch. Sterkhouder Janiek Braaksma nam na de laatste competitiewedstrijd afscheid van Hurley, waardoor Organ op zoek moet naar een andere aanvoerder. Aanvaller Kenny Bain beproeft zijn geluk komend seizoen bij de buren van Amsterdam. Braaksma en Bain waren afgelopen seizoen goed voor negentien doelpunten, bijna de halve productie van de Hurleyanen.

Hoe ziet je selectie er momenteel uit?
‘Op dit moment heb ik twintig spelers. Dat zijn er te veel om wekelijks mee te nemen, maar ik denk dat ik ze allemaal nodig ga hebben. Spelers vinden voor het team ging veel makkelijker dan ik dacht. Als Amsterdamse club heb je veel aanwas van jongens die gaan studeren en zich uit zichzelf melden. Ik kom uit Den Haag, ik ben dat helemaal niet gewend. De jongens uit het team hebben ook een geweldige bijdrage geleverd door binnen hun netwerk te kijken. Daarbij was iedereen onbaatzuchtig. Je zou ook kunnen denken, ik draag niemand voor, want dat kost mij misschien wel mijn plek. Als coach maakte dat het makkelijk, de wijze waarop de jongens bereid waren te helpen. De echter topspelers ontbreken nog wel. Dat heeft met verschillende factoren te maken. Geld, natuurlijk, maar ook dat ik als buitenlander een minder groot netwerk heb en dat we in een pre-olympisch seizoen zitten. Bovendien vind ik over het algemeen dat die buitenlanders veel te veel vragen voor wat ze waard zijn. Het verlies van Kenny is lastig, maar hij kreeg een mooie kans bij Amsterdam. Het biedt ook de mogelijkheid voor de andere spitsen om zich te laten zien. Misschien waren ze afgelopen seizoen wel schuldig aan het te veel vertrouwen op Kenny’s kwaliteiten.’

Wat is het beleid van de club ten aanzien van het inpassen van de eigen jeugd en het aantrekken van speelsters?
‘De stap van de A1 naar hoofdklasse is groot, om als achttienjarige direct in de hoofdklasse te spelen moet je wel een heel groot talent zijn. Ik wil de jongen jongens ook niet kwijtraken, dus nodigen we ze uit om mee te trainen als onderdeel van het opleidingsplan opdat we ze uiteindelijk kunnen inpassen. Ze beloven dat ze in heren 1 gaan spelen doe ik niet, maar ik wil ze wel toezeggen ze betere spelers te maken. Hurley heeft gelukkig een sterk heren 2, dat een hoger niveau heeft dan een overgangsklasseploeg.’

Wat zijn de uitdagingen waar jullie bij het samenstellen van de selectie mee te maken krijgen?
‘Bij het samenstellen van de selectie ben ik op zoek gegaan naar frisse energieke jongens van een jaar of 21, het liefst uit de buurt. Belangrijker nog is dat ze passen bij de Hurley-dynamiek. Degenen die hier binnenkwamen en dachten dat ze de koning waren of de redder van Hurley, moest ik niks van hebben. Ik wil jongens die uit het juiste hout gesneden zijn, die voor elkaar willen werken en vechten, daarmee kan ik me identificeren. Tijdens de contractonderhandelingen wilde ik horen wat zij de club konden bieden, ik hou er niet van als spelers te veel gefocust zijn op wat Hurley hen kan geven. Dat is de verkeerde motivatie.’

De top wordt voor jonge talenten steeds aantrekkelijker. Wat vind je van deze ontwikkeling?
‘Het is vooral onvermijdelijk, dit gebeurt in alle sporten. Iedereen wil voor een club hockeyen die in de play-offs speelt. De vraag is alleen of je gaat spelen als je erheen gaat. Jonge spelers moeten slim zijn bij het maken van die keuze. Draag je bij of ben je er alleen bij? Uiteindelijk zit je op hockey omdat je hockeyen leuk vindt. Er zijn genoeg goede teams in de hoofdklasse, kleine teams, die de concurrentie met de top aankunnen. Het fysieke aspect is in het mannenhockey belangrijk. Ik heb mezelf als doel gesteld onszelf in de fitste staat mogelijk te krijgen. Door de conditie op peil te brengen kunnen we de strijd aan met de teams uit de top zes. Het is naïef om te denken dat je met drie keer trainen in de week het kan opnemen tegen professionals die naar de Olympische Spelen gaan. We moeten meer trainen, dat probeer ik er nu doorheen te krijgen. Ik wil de jongens moediger maken door ze fit te krijgen. De tegenstanders moet gerespecteerd worden, maar we mogen ook geloven in de eigen kracht. Doordat de intensiteit omhoog is gegaan zullen blessures onvermijdelijk zijn, daarom wil ik al die twintig jongens erbij houden. De reactie van de jongens is geweldig, ik heb zoiets nog nooit gezien. Iedereen is bereid meer te geven. De werkende jongens rennen na elke training nog extra om te compenseren voor de trainingen die ze missen.’

Wat zijn jouw verwachtingen met Hurley het komende seizoen?
‘Vorig jaar werd Hurley na een goede eindsprint achtste. De eerste doelstelling van de club is om in de hoofdklasse te blijven, maar vanaf het moment dat ik met de groep ben gaan werken denk ik dat er meer in zit. Deze jongens zijn zo enthousiast, willen zo graag beter worden. Die energie is geweldig. Ik wil dat ze dit jaar de wedstrijden tegen de top zes aankijken als mogelijkheden om beter te worden. Mijn team moet spelen zoals het Nederlands elftal nu op het EK speelt, met moed en attitude. Het maakt mij niets uit hoe goed de ander is, wij moeten beseffen dat wij de strijd kunnen aangaan en uitstralen dat wij een verdomd moeilijk team zijn om tegen te spelen. Deze mentaliteitsverandering vindt nu plaats en ik ben erg onder de indruk van de jongens. Ik hoop op een plek bovenaan het rechterrijtje.’

Deel 1: Erik van Driel (hdm Dames 1)
Deel 2: Rick Mathijssen (Amsterdam Dames 1)
Deel 3: Albert Kees Maneschijn (SCHC Heren 1)
Deel 4: Jan Jorn van ‘t Land (HGC Heren 1)
Deel 5: Stan Huijsmans (Push Dames 1)
Deel 6: Bas Bogaard (Schaerweijde Heren 1)
Deel 7: Marieke Dijkstra (Voordaan Heren 1)
Deel 8: Rein van Eijk (Hurley Dames 1)

Comments (2)

  1. Heren 2 een niveau hoger dan een overgangsklasse ploeg? Is hij helemaal lekker?

  2. Door de bank genomen is een 2e elftal van een hoofdklasse club inderdaad sterker dan de gemiddelde overgangsklasse ploeg, een valide uitspraak.

    Ik vind overigens dat deze vent Organ, waar ik nooit van had gehoord, een goed verhaal heeft. Kan best wat worden met Hurley het komende jaar !

Reageer