Brigitha: ‘Er moet echt een soort van wonder gebeuren’

De dames van Amsterdam kennen een ietwat schommelend zaalseizoen. De ploeg van Jisse Waasdorp neemt momenteel een derde plek in maar door het verschil van vier punten met de nummer twee, Den Bosch, en nog één speeldag te gaan lijkt de kans op play-offs wel verkeken. Afgelopen weekend hadden de Amsterdamse dames dit gat kunnen verkleinen naar twee maar dit werd verrassend nagelaten. Waar ze in de eerste wedstrijd nog knap wonnen van concurrent Laren, kwam de formatie uit hoofdstad in het tweede duel niet verder dan een gelijkspel tegen het tot dan toe puntloze Push.

Oranje zaal dames RU van Wijk Brigitha
Brigitha (rechts) in een toernooi dat Oranje speelde tegen herenteams. Credit: Roel Ubels

Het is zonde dat we het tegen Push hebben laten liggen, als die we die wedstrijden wel hadden gewonnen, hadden we het meer zelf in de hand gehad,” baalt Leiah Brigitha. “Nu moet er echt een soort van wonder gebeuren willen we het nog halen.” Dat de resultaten over het hele zaalseizoen al erg wisselend zijn is volgens Brigitha niet zo gek. “We hebben bijna elk weekend een ander team gehad dus ja.. Kiki (Collot d’Escury, red.) moest in het begin rustig aan doen omdat zij een beetje last had van een blessure en daardoor mocht ze minder spelen. Zelf ben ik ook geblesseerd geraakt. Ik heb tijdens een oefenwedstrijd iets met mijn middenvoetsbeentje gedaan en die gaat nu de hele tijd uit de kom. Verder waren in het dubbelweekend twee speelsters ziek. Door al dat soort dingen hebben we tot nu toe elke week een andere samenstelling gehad.”

Deze vele wisselingen zijn vooral nadelig voor het samenspel van de ploeg, zo merkt Brigitha op. “Je bent gewoon minder op elkaar ingespeeld. We willen af en toe tijdens de wedstrijd de spelvorm veranderen, bijvoorbeeld hoge of lage druk spelen en je merkt gewoon dat als er een paar mensen niet zijn of twee weken gemist hebben dat het dan heel lastig is om in die flow te komen. Daar hadden we vorig jaar veel minder last van. Ach, het is een beetje pech maar alsnog vind ik het dus best knap dat we derde staan.”

Voordat ze geblesseerd raakte deed Brigitha voor het eerst ook een aantal weken mee met de voorselectie van de Oranje zaaldames. “Een hele gave ervaring,” aldus de verdedigster. “Het is gewoon heel goed als hockeyster om die trainingen van Marieke (Dijkstra, bondscoach, red.) mee te nemen. Ik heb zaalhockey altijd al een superleuk spelletje gevonden, zelfs in de jeugd keek al uit naar de winter. Ik was dus ook heel blij dat ik uitgenodigd werd. Het verschil tussen de trainingen met de club en de wedstrijden in de hoofdklasse zijn in vergelijking met het Nederlands heel groot. Mijn techniek en handelingssnelheid zijn er echt op vooruit gegaan.” Dat ze vlak voor de kerst afviel vond ze jammer maar met haar blessure had ze sowieso teveel moeten missen. De jonge Amsterdamse is vooral blij met de weken die ze wel heeft mee kunnen pakken. “Het is een superleuk team en ik ben er ook in gegaan om veel te leren en mijn techniek te verbeteren. Het was mijn eerste jaar dus verder verwachtte ik er niets van, al hoop je stiekem natuurlijk wel.”

Met nog één speeldag te gaan is de kans groot dat het zaalseizoen er voor de Amsterdamse dames na dit weekend dus op zit. Voor Brigitha wachten er een aantal ‘saaie weken’. “Ik moet nu gewoon maar een beetje saai wachten tot die spiertjes strakker worden en ‘ie niet meer uit de kom gaat,” lacht ze. “ Ik hoop dat ik dan als de veldvoorbereidingen weer beginnen gelijk kan aansluiten.” Tussendoor gaat ze met haar team nog op trip en inmiddels weet ze ook waarheen. “We gaan naar IJsland, super vet! Wat we daar verder gaan doen weet ik niet. IJshockey? Ja, misschien, zou wel cool zijn.”

Reageer