Sweering: ‘Tigges heeft ons in de halve finale gered’

De landstitel in de zaal ging zondag naar de heren van Amsterdam. De hoofdstedelingen versloegen Rotterdam in de finale overtuigend met  7-4. Bij Amsterdam scoorden zowel Robert Tigges als Max Sweering drie keer en daarmee pakte de Duitse nieuwkomer in zijn eerste Nederlandse zaalseizoen gelijk het goud. 

Amsterdam Den Bosch heren zaal RU (3)
Sweering tijdens de halve finale tegen Den Bosch. (c) Roel Ubels

Ik had niet verwacht dat het zo makkelijk zou gaan. In het zaalhockey kan alles gebeuren maar dit was wel een mooie overtuigende overwinning,” aldus de trotse Sweering die beaamt dat de halve finale, enkele uren daarvoor, van een stuk minder hoog niveau was. “Dat was gewoon echt een off-day van onze kant, we speelden niet goed. Robert Tigges heeft ons toen gered. Hij stond op en scoorde hij vier keer, anders hadden we de finale niet gehaald.” In de nabespreking waren de Amsterdammers het er dan over eens dat het in de finale anders zou moeten. “We vonden dat we in de finale moesten laten zien wat we kunnen en gelukkig hebben we dat ook gedaan. We hebben het goed opgepakt, volgens mij hadden we na 20 seconden al de eerste corner te pakken. Het was een goede wedstrijd en we hebben laten zien dat we de terechte kampioen zijn.” De grote kracht bij Amsterdam dit seizoen was volgens Sweering vooral het aantal internationals dat de ploeg telt. “Het is voor ons een groot voordeel dat de basis vijf in het Nederlands zaalteam zitten en dat zij zes keer per week samen trainen. Geen enkele andere ploeg heeft dat.”

Met de titel op zak sluit de Duitse Sweering zijn eerste Nederlandse zaalseizoen succesvol af. Wel bemerkte hij het niveauverschil met de Duitse zaalcompetitie. “Vooral in de breedte. In Nederland heb je een aantal goede ploegen maar is het verschil met de onderste teams heel groot. In Duitsland zijn er veel meer teams, verdeeld over vier poules. Iedereen die daar aan veldhockey doet, speelt ook zaalhockey. Hier is dat heel vrijblijvend. Het is daarnaast ook jammer dat de Nederlandse internationals bijna niet mee kunnend doen in verband met de Champions Trophy of stages met het nationale team. In Duitsland doen alle internationals mee in de zaal en daardoor krijgt het daar ook meer aandacht denk ik. Het is leuker voor de sport als er meer mensen mee zouden doen want het is namelijk net zo leuk om te kijken als veldhockey, het gaat zelfs nog sneller! Wat ik zelf leuker vind? Lastig te zeggen. Ik vind het allebei heel leuk. Omdat ik in Duitslands heb gespeeld speel ik al sinds mijn vierde zaalhockey dus ik ben met beide opgegroeid.”

Tot nu toe heeft Sweering het in ieder geval goed naar zijn zin bij de heren van Amsterdam die begin februari het veld weer op zullen gaan. In de veldcompetitie van de hoofdklasse is het niveau, anders dan bij zaalhockey, weer net iets hoger dan in Duitsland, zo vertelt hij. “Dan heb ik het ook weer over de breedte,” legt de jeugd-international uit. “De top is wel vergelijkbaar, dat zie je ook in de EHL, alleen de ploegen die in het midden of onderaan de ranglijst staan zijn een stuk minder.”

Reageer