Hockey is Simpel: De realistische ambitie van Upward-voorzitter Remco Bijlsma

RemcoBijlsma

Afgelopen december werd Remco Bijlsma – in samenwerking met een compleet gerenoveerd bestuur – aangesteld om van hockeyclub Upward uit Arnhem weer een echte vereniging te maken. Dat er iets moest veranderen lijkt met deze wisseling van de wacht een gegeven. Maar waarom is Bijlsma de aangewezen man om het transformatieproces van Upward in goede banen te leiden? Hoofdklassehockey.nl sprak met de kersverse voorzitter over zijn hockeyfilosofie.

Remco Bijlsma ziet zichzelf als een echte sportman en heeft als bestuurder ervaring in zowel de voetbal- als de hockeywereld. De afgelopen jaren hield hij zich in Arnhem bezig met het besturen van een lokale voetbalvereniging, maar door een toevallige loop van omstandigheden zwaait hij sinds eind vorig jaar de scepter bij Overgangsklasser Upward. Een van zijn kinderen speelt ook bij de Arnhemse vereniging, maar zelf hockeyt hij gek genoeg ergens anders. ‘Dat is binnen de club wel een dingetje ja, maar er moest echt wat gebeuren binnen de club en mijn buurman vroeg me enkele maanden terug of ik mijn schouders eronder wilde zetten. Toen heb ik besloten om de uitdaging aan te gaan.’ Tijdens het gesprek blijkt al snel dat er inderdaad sprake is van enorme uitdaging, met name om het echte ‘verenigingsgevoel’ weer terug te laten keren.

Verenigingsleven onder druk

De grootste opgave is om van een grote groep individuen een vereniging te maken, iets dat je volgens Bijlsma in veel facetten van de vereniging terug ziet komen. ‘Wat je bij meer clubs ziet is dat er echt een samenspel ontstaat van leden die samen dingen delen. Dat gevoel van voor elkaar door het vuur gaan mis ik een beetje bij Upward, iets dat ik ook bij andere leden signaleer. Hockey is in vergelijking met vroeger explosief gegroeid in populariteit met het gevolg dat er een hele aanwas van mensen is geweest die traditioneel niet hockeyden. Om voor jong en oud een clubgevoel te creëren in een tijd waarbij het verenigingsleven onder druk staat, vormt een enorme uitdaging.’ Zijn ervaring als bestuurder van een voetbalvereniging roept ook de vraag op in hoeverre het leiden van een hockeyvereniging afwijkt ten opzichte van de voetballerij. ‘Dat is iets dat mij wel opvalt. Qua publiek zijn de verschillen niet eens zo heel groot en zie ik veel van dezelfde ouders hier bij Upward rondlopen als bij de voetbalclub waar ik aan het roer stond. De grootste verschillen zitten hem in de mentaliteit. Bij voetbal was ik voornamelijk bezig om mensen af te remmen en te zorgen dat mensen niet zomaar wat deden zonder te communiceren. Het valt mij op dat bij hockey de meesten naar het bestuur toe komen met de waarneming van een probleem en de vraag hoe wij als bestuur dit probleem gaan oplossen.’ Deze instelling is volgens Bijlsma kenmerkend voor de status quo van Upward. ‘Mijn doel is de leden te activeren om het probleem niet alleen aan te kaarten, maar ook zelf oplossingen aan te dragen. Het hoort niet te gaan om de vraag hoe het bestuur iets kan oplossen, maar hoe het bestuur anderen kan faciliteren om het probleem op te lossen. We zijn immers allemaal Upward, en hebben dus allemaal hetzelfde doel voor ogen. Laten we daar dan samen voor gaan.’

Uiteenlopende hockeyvisies

Na zijn aanstelling viel het bovendien op dat er onder alle betrokkenen van de club heel verschillend werd gedacht over het vinden van de juiste balans tussen top- en breedtehockey. Zo bleek dat er veel leden zijn met torenhoge ambities, maar ook dat deze in sommige gevallen niet realistisch zijn volgens Bijlsma. Zijn nuchtere kijk op zaken lijkt dan ook precies wat Upward nu nodig heeft. ‘Een deel binnen de club wil vooral een gezellige vereniging zijn en blijven, terwijl een andere groep juist dé club in de omgeving wil zijn waar alle talenten heengaan. Zelf ben ik als sportman van mening dat we vooral op een zo hoog mogelijk niveau dienen te acteren, maar dat we daar vooral geen gekke dingen voor moeten uithalen. Bij hockey zie je net als bij voetbal vaak dat er in je hoogste team een of twee spelers met kop en schouders boven de rest uitsteken. Deze jongens worden dan vaak opgepikt door Vitesse, NEC of de Graafschap, waar ze het ook meestal niet redden. Maar ook als ze dan weer terugkomen hebben ze daar dan wel veel ervaring opgedaan en een betere opleiding genoten. Dit systeem bestaat niet bij hockey. De vraag rest dus wat je met je grootste talenten gaat doen. Als club kunnen we niet meer doen dan de negen of tien spelers die net onder dat niveau zitten faciliteren, maar voor de spelers van hoger niveau is dat simpelweg niet mogelijk. Wij zullen ons dus moeten richten op die andere tien hockeyers. Alles wat daarboven zit mag uiteraard bij ons blijven hockeyen, graag zelfs, maar wij kunnen niet tien andere jongens die even goed zijn van buitenaf halen om de stap richting de top te maken. Daar is de regio niet naar en bovendien zullen andere clubs uit de regio hier niet blij mee zijn, want daar is de hockeycultuur hier ook niet naar.’

Gezonde ambitie

Toch kan van Upward niet gezegd worden het de club aan ambitie ontbreekt. Die is er wel degelijk, maar Bijlsma hamert vooral op realisme. ‘Onze ambitie is momenteel om met de mensen die bij Upward horen binnen ons kunnen op een zo hoog mogelijk niveau te acteren. Heb je een keer een goeie lichting dan speel je een keer Overgangsklasse, heb je een mindere lichting dan speel je een keer Eerste Klasse. Waar het om gaat is dat je het maximale uit je groep weet te halen, ook als bijvoorbeeld een jong talent moeilijk lijkt te zijn in de omgang. Juist dan is het je plicht om als club er alles aan te doen om ervoor te zorgen dat je ook daar mee aan het werk kunt. Momenteel lijkt het er op dat er te snel gezegd wordt ‘dat is een moeilijke jongen, laten we iemand van buitenaf halen’. Dat kan de bedoeling niet zijn, pas als je er alles aan hebt gedaan mag je na gaan denken over dergelijke opties. Voor nu is het belangrijkste even pas op de plaats te maken om te definiëren waar Upward voor staat. Het uitgangspunt daarbij is weten wie de leden zijn. Hierbij heb ik het niet alleen over het huidige ledenbestand, maar ook over potentiële nieuwe spelers. Als je dit als club inzichtelijk hebt gemaakt, kun je doelgerichter besturen. Dit is precies waar wij nu mee bezig zijn, met als ambitie om als club zo hoog mogelijk te spelen. Wat je in mijn optiek dus absoluut niet moet doen is afbreuk doen aan je eigen identiteit door mensen van buiten te halen die zich niet verbonden voelen met de club. Als je dat doet, vreet je je eigen club op.’ Voorlopig lijkt Bijlsma zijn handen vol te hebben aan het herdefiniëren van de club, maar met een gezonde dosis realisme lijkt de enige weg voor Upward de weg omhoog.

Reacties

Je eigen afbeelding bij je commentaar? Ga naar: nl.gravatar.com

Er zijn nog geen reacties, ben jij de eerste?

Je kunt niet meer reageren op dit bericht.